Kleine zangvogels voelen zich door de jonge populieren, de grote planten- en insectenvariëteit thuis in het Schausselbroek. Zwartkop, Tjiftjaf, Tuinfluiter, Grasmus, Spotvogel en Winterkoning broeden in de struiklaag. In het bos broedt de zeldzame Wielewaal. De Kramsvogel die er vroeger ook broedde, is verdwenen. Bosrietzanger en Blauwborst broeden er in de rietkragen.

Dankzij het rijkelijk muizenbestand van het grasland en het naburige stort is de torenvalk heel het jaar aanwezig. In de winterperiode zijn Roerdomp en Houtsnip graag geziene gasten. In de slootkanten broedt Wilde eend, Waterhoen en in de rietvelden vermoedelijk Waterral. Op de weilanden foerageren regelmatig kieviten die broeden op het naburige stort aan het natuurreservaat Ballooi. Buizerd, Boomvalk, Bosuil en Steenuil broeden in de polder. Het hele jaar door worden Sperwer, Slechtvalk en Ransuil regelmatig waargenomen.