Het Schausselbroek werd ingepolderd in de 13de eeuw na het verschuiven van de Scheldeloop (in 1240). Het is een van de vroegste ingedijkte polders langs de Schelde. Vandaar ook dat deze polder laag gelegen is door de geringe afzetting van de Schelde bij hoog tij en overstromingen.

Na de indijking en drooglegging is het landschap door veenachtige ondergrond ingeklonken. Later ontstonden door dijkbreuken verschillende wielen met grote biologische waarde. Tot de 18de eeuw bestond de polder vooral uit elzenbroekbos afgewisseld met moerassige weiden. Daarna werd de polder op grote schaal uitgeveend. Rond de 19de eeuw werden er vooral wissen aangeplant die in het begin van deze eeuw verdwenen ten gunste van de populieraanplanting. Momenteel bedraagt dit nog 60% van de oppervlakte, afgewisseld met moerassige weiden en elzebroekbos.